Super vriendelijk personeel ,behulpzaam, Empatisch en accuraat Vragen worden snel en duidelijk uitgelegd. Goede bemiddeling tussen beide partijen Neemt veel stress en ongemakken uit handen! We zijn jullie erg dankbaar voor de goede zorgen en afhandeling. Met vriendelijke groet. Dhr C.van prooijen
Het Zutphense-juffrouwarrest is een uitspraak van de Hoge Raad van 10 juni 1910 over een gesprongen waterleiding. De zaak is ook bekend als het Zutphense-waterleidingarrest. Zij gaat over de historische uitleg van onrechtmatig nalaten, niet over een onderwijzeres of een beroepsziekte. De bron is ECLI:NL:HR:1910:1.
De juridische vraag in het Zutphense-juffrouwarrest
Kan iemand aansprakelijk zijn voor het laten voortduren van schade, als geen wettelijke of contractuele verplichting tot ingrijpen is aangetoond? Die vraag speelde onder de toenmalige artikelen 1401 en 1402 BW. De Hoge Raad beantwoordde haar vanuit een beperkte uitleg van onrechtmatigheid.
Wat was er gebeurd?
In de nacht van 4 op 5 januari 1909 sprong door vorst een waterleiding in een pand in Zutphen. Beneden lag leer opgeslagen in een pakhuis. De hoofdkraan was alleen bereikbaar via de bovenwoning. Het water beschadigde het leer.
De vordering was gebaseerd op de gestelde weigering van de bewoonster om de kraan dicht te draaien of toegang te geven. Die weigering zou de schade hebben laten toenemen. De verzekeraar die de schade had vergoed, procedeerde als gesubrogeerde partij: zij oefende de overgegane aanspraak van haar verzekerde uit.
Wat besliste de Hoge Raad?
De kantonrechter had de vordering niet-ontvankelijk verklaard. In hoger beroep liet de rechtbank de verzekeraar getuigenbewijs leveren, uitgaande van een ruimere zorgvuldigheidsnorm. Volgens de Hoge Raad kon dat bewijs de vordering onder de toenmalige uitleg niet dragen. Alleen maatschappelijk afkeurenswaardig gedrag was niet genoeg; een relevante rechtsplicht of inbreuk op een recht was nodig.
De Hoge Raad vernietigde het rechtbankvonnis en bevestigde het oordeel van de kantonrechter. De verzekeraar kreeg dus in deze procedure geen vergoeding op de aangevoerde grond. Dat historische resultaat mag niet worden vertaald naar een algemene regel dat je tegenwoordig niets hoeft te doen bij dreigende schade.
Ons team staat voor jou klaar

mw. mr. S. Gholamalian
mw. mr. S. Gholamalian
NIVRE Register-Expert
“Als je de richting van de wind niet kunt veranderen, verander dan de stand van je zeilen.”

dhr. E. Gormez
dhr. E. Gormez
NIVRE Register-Expert
"Een opgever wint nooit en een winnaar geeft nooit op"

mw. mr. H.A. de Jongh
mw. mr. H.A. de Jongh
NIVRE Register-Expert
"There is no elevator to succes, you need to take the stairs."
Waarom is dit arrest juridisch van belang?
De betekenis ligt in de ontwikkeling van de onrechtmatige daad. In Lindenbaum/Cohen van 31 januari 1919 aanvaardde de Hoge Raad dat ook handelen of nalaten in strijd met de maatschappelijke zorgvuldigheid onrechtmatig kan zijn. Die ruimere benadering wijkt af van de beperkte uitleg uit 1910.
Tegenwoordig noemt artikel 6:162 BW naast inbreuk op een recht en strijd met een wettelijke plicht ook strijd met het ongeschreven recht in het maatschappelijk verkeer. Daarnaast moeten onder meer toerekening, schade, causaal verband en de beschermingsomvang van de norm worden beoordeeld. Niet elk onvriendelijk of onhandig gedrag leidt tot een vergoedingsplicht.
Geen arrest over uitbreiding van werkgeverszorgplicht
De Zutphense juffrouw was in deze zaak geen werknemer die een werkgever aansprakelijk stelde. Aan dit arrest kunnen geen regels over gehoorschade, lawaai in klaslokalen of de oorzaak van een beroepsziekte worden ontleend. Voor die onderwerpen is een andere beoordeling nodig, onder meer aan de hand van de zorgplicht van werkgevers.
Ook een veronderstelde toename van beroepsziekteclaims door dit arrest volgt niet uit de uitspraak. Een juridische bron moet passen bij de bewering waarvoor zij wordt gebruikt. Een arrestnaam alleen is geen onderbouwing van een medische oorzaak of een ontwikkeling in claimaantallen.
Wat betekent onrechtmatig nalaten in een letselschadezaak?
Bij een huidige claim onderzoekt een juridisch specialist welke voorzorg of handeling redelijkerwijs mocht worden verwacht. Denk aan een waarschuwing voor een concreet gevaar of een veiligheidsmaatregel. Daarna volgt de vraag of het achterwege blijven daarvan tot de gevorderde schade heeft geleid. De uitkomst hangt af van de omstandigheden en het toepasselijke recht.
De uitleg over nalatigheid en aansprakelijkheid helpt om deze begrippen uit elkaar te houden. De schadebeperkingsplicht van een benadeelde is weer een andere vraag: welke redelijke maatregelen konden verdere eigen schade beperken? De uitspraak uit 1910 beslist dat niet voor iedere moderne letselschadezaak.
Wat zeggen klanten over ons
Veelgestelde vragen
Wat is het Zutphense-juffrouwarrest?
Dit is het arrest van de Hoge Raad van 10 juni 1910, ECLI:NL:HR:1910:1. Het ging over het niet tijdig afsluiten van een waterleiding en schade aan opgeslagen leer. De zaak laat zien hoe beperkt de onrechtmatige daad toen werd uitgelegd.
Heeft dit arrest de zorgplicht van werkgevers uitgebreid?
Nee. Het arrest gaat niet over een werkgever, werknemer of beroepsziekte. Voor schade door het werk is onder meer artikel 7:658 BW van belang. Welke regeling geldt, hangt af van de werkverhouding en de feiten.
Wat betekent het arrest voor werknemers met een beroepsziekte?
Het biedt daarvoor niet de specifieke grondslag die soms aan deze uitspraak wordt toegeschreven. Een vermoeden van gezondheidsschade door het werk vraagt een afzonderlijke juridische en zo nodig medische beoordeling. Het arrest bewijst geen verband tussen een werkomstandigheid en een ziekte.
Mag iemand tegenwoordig schade laten ontstaan als er geen uitdrukkelijk verbod is?
Niet zonder meer. Ook handelen of nalaten in strijd met de maatschappelijke zorgvuldigheid kan volgens artikel 6:162 BW onrechtmatig zijn. Voor aansprakelijkheid moeten daarnaast de andere toepasselijke voorwaarden worden beoordeeld.
Is Zutphense waterleiding hetzelfde arrest?
Ja. De Hoge Raad gebruikt zowel “Zutphense juffrouw” als “Zutphense waterleiding” voor het arrest van 10 juni 1910. Controleer bij verwijzingen altijd de datum en ECLI, omdat een bijnaam alleen verwarring kan geven.
Heb je een vraag over een arrestverwijzing?
Bespreek de verwijzing met RN als een wederpartij een arrest gebruikt om jouw aanspraak af te wijzen. Vermeld de datum, ECLI en de passage waarop het beroep is gebaseerd. RN kan beoordelen of de rechtsregel relevant is voor jouw feiten. Vraag vooraf naar de kostenafspraken; deze algemene uitleg vervangt geen individuele beoordeling.
RN Letselschade
Oorspronkelijk gepubliceerd op